icon06
icon05

Historie

De Emmastraat werd, samen met de Parkstraat, voor 1885 Roomsch Catholijke kerkweg of Rozendaalse Melkweg genoemd.

De Emmastraat (genoemd naar Koningin Emma, 2de echtgenote van Koning Willem III) is al heel oud. Zij was in lang vervlogen tijden een deel van dc verbindingsweg tussen kasteel Rosendael en het Velpse broek. Zij heette dan ook Rozendaalse melkweg of Broekweg. In mijn jeugd reed elke zomernamiddag de melkwagen van de boerderij bij kasteel Rosendael, geel- zwart geschilderd in de kleuren van de familie Van Pallandt, door de Emmastraat, op weg naar de weilanden in het Broek. Winkels kwamen er pas na de 2de helft van de vorige eeuw. Toen was nog de Oranjestraat de voornaamste winkelstraat van Velp. Tot 1898 heette die de Schuinscheweg en dat vonden de winkeliers niet zo’n aardige naam . Zij vroegen in het kroningsjaar van Koningin Wilhelmina aan de Gemeenteraad, de naam van hun straat te veranderen in Oranjestraat en dat werd goedgevonden. Maar langzamerhand verloor de Oranjestraat haar karakter van winkelstraat. De Velpse winkeliers trokken,, de een na de ander, naar Emmastraat en Hoofdstraat. Zij kwamen daardoor dichter bij de nieuwe villawijken te zitten, zoals het omstreeks 1900 verkavelde park van kasteel Overbeek, waar zich veel welgestelde families vestigden. Theodorus Wijlhuizen, die in mei 1882 zijn kruidenierswinkel aan de Emmastraat opende, had dus wel een vooruitziende blik. Hij was toen vrijwel de enige winkelier in die straat. Na Wijlhuizen vestigden zich steeds meer zakenlieden in de Emmastraat, hetzij in reeds bestaande gesloten huizen, hetzij in nieuwe panden. Die winkels waren te vinden in het gedeelte tussen de Hoofdstraat en de Nieuwstraat en aan het andere eind bij de spoorlijn. Daartussen stonden aan de ene kant de oude en nieuwe R.K. kerk met, later, pastorie en school, terwijl zich aan de andere kant de moestuin van de buitenplaats De Heuvel bevond, achter een lange, geteerde schutting, die zich uitstrekte van de Nieuwstraat tot de Pastoor Koenestraat. Die moestuin werd omstreeks 1920 verkaveld en toen kreeg de Emmastraat aan de oostzijde een lange reeks winkels. De winkels die zich vroeger verspreid door het dorp bevonden, met een kern in de Schuinscheweg – Oranjestraat, zijn grotendeels verdwenen. Maar Emmastraat en Hoofdstraat zijn toch wel dé winkelstraten van Velp gebleven. De winkeliers volgden elkaar op, de zaken bleven dikwijls bestaan. En waarom zou dat niet zo kunnen blijven, ook in de toekomst !

E.J. Kruijswijk Jansen

Boekje: Emmastraat – een eeuw terug

LIMBEEK, BAKKERIJ

Hiervoor zaten in de Emmastraat de bakkers Silvold en Tolkamp.

TOLKAMP, BAKKERIJ, EMMASTRAAT

Voor Bakkerij Tolkamp zat er Bakkerij Silvold en  daarna Bakkerij van Limburg. 

WILLEMSEN, BAKKERIJ, EMMASTRAAT 26, BOUWJAAR 1901

 

Bakkerij Willemsen was gevestigd op de hoek van de Emmastraat met de Noorder-Parallelweg met huisnummer 26. Het pand had de vorm van de hoofdletter L. De lange zijde lag aan de Emmastraat en de korte zijde aan de Noorder-Parallelweg. In de driehoek tussen de lange en korte zijde lag de bakkerij met daarboven de meelzolder. In het verlengde van de bakkerij lag een schuur waarin de broodkar stond. De meelzolder en de schuur hadden een plat dak. In de lange vleugel zat de keuken en een gang die doorliep naar de winkel. In deze gang lagen aan de straatzijde een kleine kamer, deftig kantoor geheten, en een toilet. Haaks op deze lange gang liep een korte gang van de voordeur naar de trap. Op de hoek lag de winkel met een etalage aan de Emmastraat en een etalage aan de Noorder-Paralellweg. 

Deze merkwaardige vorm had het pand te danken aan de aanleg van de spoorlijn in 1863. In die tijd stond er een ander pand aan de toen nog Roosendaalschelaan geheten straat. De spoorlijn werd ten zuiden van het pand aangelegd, er bijna tegenaan. Tussen pand en spoorlijn was slechts een kleine ruimte over. In de Rooschendaalselaan kwam een spoorwegovergang. Het pand had een kop-staart bebouwing. De kop lag aan de Rooschendaalselaan en de staart liep parallel aan de spoorlijn. In dit pand oefende in 1904 Derk Kranenburg twee bedrijven uit. Hij was een dubbele kerel: zowel bakker als herbergier. Op grond van zijn naam stond zijn zaak bekend als Kraantje-Lek. 

Het pand van bakker Kranenburg brandde circa 1928 af, maar mocht niet meer in deze vorm herbouwd worden. De gemeente benutte de geboden kans om de Noorder-Parallelweg door te trekken naar de Emmastraat, de nieuwe naam voor dat deel van de voormalige Rooschendaalselaan. Op de plaats van het afgebrande pand werd een nieuw huis met een bakkerij en een winkel gebouwd. De Noorder Parallelweg werd na de brand in circa 1928 doorgetrokken waardoor het nieuwe pand verder van de spoorlijn kwam af te staan. Doordat achter het huis reeds een groot pand stond bleef er weinig ruimte over om alles in te passen. Vandaar de oplossing die de aannemer bedacht. Hij bouwde het huis in de vorm van een L met in de driehoek de bakkerij. De speelruimte was zo gering dat de bewoners van het pand er achter vanuit hun woonkamer tegen de muur van de bakkerij aankeken. En de bewoners van de bakkerij geen tuin overhielden. Een piepklein stukje grond in het verlengde van het pand in de vorm van een lang uitgerekte driehoek kreeg de naam tuin mee.  

Derk Kranenburg was in 1873 in Velp geboren. Hij huwde op 5 mei 1898 met Anna Clasina Gijsberta Verbeek uit Tiel. Het echtpaar woonde in het oude pand tot aan de brand en daarna in het nieuwe pand. Derk Kranenburg overleed 63 jaar oud op 6 april 1936. Hij had een dochter Gosina en een zoon Dirk die geen van beiden na de dood van hun vader de zaak wilden overnemen.

Het pand is in 1935 gekocht op een publieke veiling door de Heer Hendrik Wessel Kruijswijk, timmerman, aannemer en makelaar. Hij woonde in de IJsselstraat 6 in Velp. Hij was geboren in Velp en huwde 27 jaar oud op 1 maart 1906 met Johanna Reinders die toen 33 jaar oud was. Zij overleed 64 jaar oud op 26 december 1936 en hij overleed 58 jaar oud op 7 februari 1937. 

Waarschijnlijk is dat Kruiswijk het nieuwe pand met bakkerij en winkel gebouwd heeft in opdracht van bakker Kranenburg. Aannemelijk is ook dat Kruiswijk het pand in 1935 kocht van Kranmenburg, toen deze de hypotheek niet meer kon aflossen. Wat er daarna precies gebeurd is weten we helaas niet. Er is een akte uit 1935 die enig licht werpt op deze zaak. In deze akte van notaris F.H. Kooyman te Velp van 30 april 1935, staat dat het pand werd aangekocht op een publieke veiling. Het betrof een winkel en woonhuis met bakkerij en erf, staande en gelegen aan de Emmastraat hoek Noorder-Parallelweg, te Velp, gemeente Rheden, kadastraal bekend als Gemeente Velp, in sectie F nummer 1286 als huis en erf groot een are en vijf en zestig centiare. Volgens deze akte was Kruijswijk in 1935 eigenaar van het pand. Boven aan de akte staat immers: Bewijs van eigendom voor dhr. H.W. Kruijswijk, timmerman en aannemer en makelaar wonende te Velp gemeente Rheden, van een winkelwoonhuis, met bakkerij en erf, staande gelegen aan de Emmastraat, hoek Noorder Parallelweg te Velp als gemeld. 

Onbekend is wanneer Theo Willemsen het pand betrok. Volgens zijn familie in Zevenaar is hij vanuit Lobith-Tolkamer, waar hij als knecht bij bakker G. Lutjenhuis werkzaam was, begin 1937 naar Velp vertrokken, omdat hij daar een bakkerij kon overnemen en voor zich zelf kon gaan beginnen. Bakker Kranenburg was in april 1936 overleden en eigenaar Kruiswijk op 7 februari 1937. Begin 1937 stond het pand met bakkerij en winkel waarschijnlijk te koop of te huur. Nadat Theo Willemsen de bakkerij over genomen had (gekocht of gehuurd?), kreeg hij hulp van zijn zus Riek Willemsen. Verder was er een hulp in de huishouding, een zekere Leni die niet zo veel deed, althans volgens tante Riek. 

Theo Willemsen huwde op 16 september 1937 met Betsie Witte. Zij had Een School voor Maatknippen opgericht en gaf in de gehele Achterhoek en de Liemers naai- en kniplessen. Waar zij elkaar hebben leren kennen is onbekend. Volgens bewaard gebleven aanslagen voor de inkomstenbelasting woonde zij in het belastingjaar 1930-1931 in Lobith in de gemeente Herwen en Aerdt. Het ligt voor de hand dat bakkersknecht Willemsen haar in dat jaar heeft leren kennen.

Zeker is dat zij een motor kocht bij de firma Wienhoven in Zevenaar op 31 oktober 1935. H.C. Wienhoven was getrouwd met Wilhelmina Willemsen, een zus van Theo Willemsen. Wienhoven had een Autoverhuur- en Reparatieinrichting en was Official Ford Service Dealer. Betsie had zich een stoer aandoende Motorrijwiel merk Gillet 125 cc, fabricagejaar 1935, Heerenmodel, aangeschaft.

Zij kreeg op 25 oktober 1935 het nummerbewijs M 48262 (M= Gelderland) voor het motorrijtuig en behaalde op 27 november haar Rijbewijs B voor het besturen van motorrijtuigen op twee wielen. Geheel in leer gehuld toerde zij op haar motor rond om in knusse zaaltjes van café’s en parochiehuizen les te geven. In de weekenden nam zij deel aan behendigheidswedstrijden van de Terborgsche Motorclub T.M.C. En soms reden ze op en neer naar Zandvoort aan de Zee om even pootje te baden. 

Na het huwelijk nam Betsie Witte de plaats van tante Riek over in bakkerij en winkel. Een half jaar later trokken haar ouders er op 1 april 1938 bij in. Zij namen de bovenwoning van de familie Feith over. Het is onduidelijk of Feith knecht was bij bakker Kranenburg. Tot begin 1937 hebben twee echtparen in het pand gewoond. Waarschijnlijk bakker Derk Kranenburg en zijn vrouw beneden en deels boven. Het echtpaar Feith had een bovenwoning. Feith gebruikte de grote trap in de gang om bij zijn woning te komen. Kranenburg en zijn vrouw hadden beneden een grote keuken, een kleine kantoorkamer, een toilet en kamer naast de winkel. Zij gingen via de trap in de bakkerij naar boven waar zij nog twee slaapkamers hadden. Tussen het appartement van Feith en hun slaapkamers zat in de lange gang een tussenwand die weggehaald werd toen opa en oma er introkken. Feith begon in 1937 met een eigen banketbakkerij vooraan in de Emmastraat.


Bron; Marktplaats, Brugweg jaren 50.

Opa en oma woonden boven de bakkerij. De bovenetage had dezelfde indeling met een lange gang en een korte gang. Boven de keuken en deels boven de bakkerij lagen de was- en badkamer en de slaapkamer van Theo en Betsie Willemsen. Aan de lange gang lagen achtereenvolgens vanaf de ouderslaapkamer eerst de slaapkamer van Oma Rika met daarnaast een kleine keuken en vervolgens een toilet. Aan de korte gang lagen op de hoek boven de winkel de huiskamer en daarnaast de slaapkamer van opa Willem.

Door; Jan Willemsen, 25-03-2012

Na Bakkerij Willemsen in hetzelfde pand volgde Bakkerij Kortlang.

tot ongeveer 1968, kwam Bakkerij Kortlang, tot 1999. De bakkerij- / winkelinventaris werd door bakker Kortlang overgenomen voor een bedrag van fl. 17.500,- Voor die tijd veel geld.

Sinds 1 maart 2012 werd gestart met de renovatie. Het pand blijft in de huidige vorm cq stijl, (een deel van) de oven en inventaris blijven in tact.
Er wordt druk en hard gewerkt aan de verbouw van voormalige Bakkerij Kortlang. De redactie constateerde dat er bij de verbouw gelet wordt op originele details en het behoud er van. Bijvoorbeeld het oude ovenfront blijft behouden, te vervangen metselwerk wordt met originele, elders verworven stenen, in orde gemaakt en de nieuwe kozijnen krijgen dezelfde roedeverdeling. Het pand zal verdeeld worden in appartementen en men probeert de winkel met originele inventaris te behouden. Hulde!

Waar eens de oven brandde bij de bakkers Willemsen en Kortlang, staat binnenkort wellicht een comfortabel bankstel! Het pand op de hoek van Emmastraat, was aan zeer grondige verbouwing toe. De winkel blijft in haar originele hoedanigheid bewaard en zelfs gerestaureerd. De oude bakkerij wordt omgebouwd naar appartement. De originele ovenkleppen worden bewaard en komen terug in het pand, als sierstukken! Dat de oven degelijk was bleek wel uit de hoeveelheid de in totaal 1022 kg aan staal! Zelfs de zwaar beschadigde stenen in de buitenmuren worden vervangen door originele stenen die van binnen uit de verbouw afkomstig zijn. Hulde aan de verbouwers!

ZILVOLD, BAKKERIJ, EMMASTRAAT

Na bakkerij Zilvold kwam bakkerij Tolkamp en daarna van Limbeek. 

BAKKERIJ ZWEERS, NIEUWSTRAAT

Lindebomen voor de winkel met daarin nog de ring voor vastmaken van het paard. Dit pand is net na 1970 gesloopt.

 Kerstkransen werden gemaakt door mijn vader met een drietal collega`s; Theo Willemsen, Hent Berkhout en Joop Reijerink. Dit was voor een grote opdrachtgever Brinkman & Germeraad. De werkzaamheden begonnen op zaterdag en……….er werd doorgewerkt tot zondag. Als alles verzendklaar was, dan was de klus weer geklaard. Opmerkelijk werd door de collega`s geen loon of iets dergelijks gevraagd. Neen dit was nog ouderwetse vriendendienst. Voor de bewezen diensten werd na een week of twee een zaterdagavond (bij ons thuis) veel hapjes klaargemaakt en uiteraard de nodige drank geschonken.

Vroeger ging alles met paard en wagen. Gaande weg werd ook het vervoer bij bakker Zweers gemoderniseerd. Allereerst kwam er een bakfiets met een 125CC JLO motor. Geen origineel onderstel maar een verbouwde bakfiets. Vervolgens werd door de Firma Schrijvers, Oranjestraat. een origineel Gazelle onderstel geleverd met een krachtiger motor met 3 versnellingen! De houten bak werd gemaakt door timmerman Bölte uit de Nieuwstraat. Alles werd zo samengevoegd. Mijn vader maakte er een soort luifel overheen, zodat hij droog zat. De letters werden op zondag door mijn vader zorgvuldig op de houten bak geschilderd. Zo reed vrijwel iedere bakker in Velp.

 Brood werd bezorgd per motorbakfiets (Gazelle met JLO). Later per bestelwagen Opel Rekord. Foto’s boven.

De broodbezorging werd op de bewuste zaterdag (als de bakkers kerstkransen maakten) door de kinderen van de bakkers geregeld. Immers ieder had ook zijn eigen bezorgwijk van brood. Meestal  kwam de katholieke bakker bij katholieke klanten en gereformeerde bakkers bij de gereformeerde klanten. Zo zie je maar ieder had zo zijn eigen belangen.

De oven van mijn vader was even na de oorlog een houtgestookte oven. Dus met veel takkenbossen werd de over verhit. Hierna kwam een heuse oliegestookte oven. Dat wil zeggen dezelfde oven werd nog gebruikt allen de warmtebron was nu olie. Zie bovenstaande foto. Er ging dan en vlam eerst naar de linkerkant van de oven en vervolgens naar de rechterkant. Als de over goed heet was, ging de vuurmond eruit en dan kon het brood erin. Vaak moesten wij op een vrij moment de olie overpompen van een olievat naar de oliebrander. De opslagruimte war destijds de olie stond (in een voormalige woonkamer) heette bij ons altijd het oliehok. Ook toen er al jaren geen olie meer werd gebruikt. Toen kwam de luxe electrische oven een echte ELPO. De helft kleiner dan de oude oven, wel voldoende capaciteit en………..alleen maar een schakelaar omdraaien !

Dit artikel is mede tot stand gekomen dankzij de informatie verschaft door;

- De familie Dorland, Velp.

- De familie Reesink, Velp.

- De familie Zweers.